zondag 20 oktober 2019

Vanaf maandag: De Week van de Cliffhanger*



*) Met elke dag een opgefriste cliffhanger uit De Zaak Zonnebloem, een avontuur dat binnenkort z’n 65ste verjaardag viert.

vrijdag 18 oktober 2019

Feestbetoon voor een T-Ford


En omdat het deze maand precies 111 jaar geleden is dat de eerste T-Ford werd geïntroduceerd:


Links: reclamemateriaal uit de jaren twintig, van de Ford Motor Company of South Africa in Port Elizabeth. Rechts: onze jonge reporter in de Kongo. We kennen de avonturen die hem te wachten staan. Maar wie zijn de drie mannen in die andere Ford? Heeft de tekenaar op enig moment nagedacht over hún bestemming?

maandag 14 oktober 2019

Hoe Willy Vandersteen het vlees vermaalde


I.
Waar waren we? In de Balkan:


De originele plaat 80 uit SCEPTRE, kavel 83 op de stripveiling van Christie’s, 20 november in Parijs (richtprijs ‘op aanvraag’, tsja).

Volgens de toelichting in de catalogus moeten we letten op de superbe gag cliffhanger, maar mijn aandacht ging vooral uit naar het voorlaatste plaatje:


Links Bobbie die vloeiend kan praten met een scepter tussen de kaken. Rechts Serafijn Lampion die, met een lullige pen tussen de lippen, al struikelt over de S. Door het vochtige weer schieten de beeldrijmen omhoog als knolamanieten.

Overigens en niet zonder verwondering kon ik een gevoel van verveling bij dit pièce museale uit 1939 amper onderdrukken. Zoetjesaan vergt het inspanning om nog enthousiast te raken over wéér een origineel uit SCEPTRE.


II.
Acht jaar jonger (uit 1947) is dit origineel van Willy Vandersteen, uit De Zwarte Madam:


Kavel 316, richtprijs € 11.000 – 13.000. Dat is inclusief deze plezante spelfout:


Corned beaf? Daar kun je lacherig over doen… tot je ontdekt hoe vaak in die tijd de beef tot beaf werd vermalen:


De spelfout blijkt, door de jaren heen, onuitroeibaar – en verschijnt zelfs vaker op een veiling:


Captain Beafheart? Probeer dan maar eens niet aan die andere, in naam mishandelde kapitein te denken:



vrijdag 11 oktober 2019

Een onaangename donderdagavond


Naar Birth of the Cool, obligate (rechttoe-rechtaan) documentaire over de niet altijd aangename Miles Davis. We weten dat Georges onaangenaam kon wezen tegen zijn Germaine…


…maar tenminste hield de Tekenaar zijn padvindershandjes thuis.
Miles daarentegen ging in de omgang met zijn ‘grote liefde’ ver over de streep.


Daar zul je haar hebben. Frances Taylor. Haar prins maakte prachtige muziek, maar bleek ook een paranoïde drugsgebruiker die erop los sloeg.

‘Every time I hit her, I felt bad because a lot of it really wasn’t her fault but had to do with me being temperamental and jealous,’

biechtte de jazzlegende later op – waaruit valt op te maken dat hij nog steeds enkele tikken terecht vond, want: ‘her fault’.

Thuis wachtte de biografie van een ander onaangenaam mens (Susan Sontag) en dus stelde ik mijn grote-liefde-zonder-aanhalingstekens voor om aan de bar van de Sociëteit weer eens aangenaam diep in het glaasje te kijken. Maar S. herinnerde me aan haar onaangename voornemen om de rest van deze maand de alcohol te laten staan, waarna ik me, mokkend, naar huis liet dirigeren.

Plaatje!


De goeie ouwe Haddock verbeeldt fraai mijn donderdagavond-spleen. Kavel 90 op Christie’s grote stripveiling van 20 november, dit originele ontwerp voor een puzzel uit de jaren vijftig:


Richtprijs: € 150.000 – 180.000. In de vuistdikke catalogus* zorgt expert Marcel Wilmet als vanouds voor de onnavolgbaar ronkende achtergrondinformatie – maar bloedspatten van de meester blijven ditmaal buiten beeld.

Wordt vervolgd!


*) De pdf is zojuist als download online gezet: KLIK!

donderdag 10 oktober 2019

De klare lijn tussen Kuifje en Freddy Krueger


Vandaag precies negentig (90!) jaar geleden in de Petit Vingtième:


Onze jonge held aast op het militaire uniform van een Kameraad. Let hierboven op zijn hoog uitgestoken hand die iets voor elkaar krijgt wat duidt op superkrachten:


Sterretjes, stoomwolkjes, een opbollend deurtje – Bobbie slaat het cartoon-geweld nogal beteuterd gade.

Vier jaar later (in CIGARES) zit de reporter opnieuw verlegen om een kostuum:


Jandorie, hij kan er wat van:


Dat bijna horizontaal wegzwiepende lijf is een fraai beeldcliché waar bijvoorbeeld Willy Vandersteen later geen genoeg van zou krijgen. Maar ik moet toch vooral hier aan denken:


Still uit de sfeervolle finale van A Nightmare on Elm Street (KLIK voor het hele fragment).
Er loopt een klare lijn van Kuifje naar Freddy Krueger...

dinsdag 8 oktober 2019

Over de Maan-fraude van Hergé


Here lies
(as she did throughout life)
Susan Sontag
1933 – 195?


Grafschrift dat ‘Amerika’s laatste grote literaire ster’ Susan Sontag als vijftienjarige in haar notitieboekje noteerde en dat feitelijk onvertaalbaar is. De twee Nederlandse vertalers van Benjamin Mosers biografie ‘Sontag. Her Life and Work’ gaan de dubbelzinnigheid niettemin te lijf:

Hier li(e)gt
(zoals ze haar hele leven heeft gedaan)
Susan Sontag



De schrijver, criticus en filmmaker Sontag had, zoals het zo mooi heet, ‘een moeizame relatie met de werkelijkheid’, niet alleen in haar leven, maar ook in haar werk – en onmiskenbaar is daar een (excuseer) haakje met Hergé.

Hoe goed verder ook, ik kon het niet nalaten Mosers monumentale levensbeschrijving terzijde te schuiven voor een herlezing van deze tientallen jaren oude bestseller:


Onderzoeksjournalist Günter Wallraff over zijn infiltratie bij het weekblad Kuifje. Tussen de pagina’s van dit auteursexemplaar trof ik nog een aardige verrassing:


De valse clubkaart waarmee Wallraff als Hans Esser uiteindelijk toegang kreeg tot de coterie van Hergé.

Ook na zoveel jaren is het nog steeds indrukwekkend hoeveel leugens en halve waarheden de auteur boven tafel kreeg. Zijn onthulling dat de maanwandeling van Kuifje en zijn vrienden volledig in scène werd gezet op de zolder van de neuro-psychiatrische kliniek Salve Mater in Lovenjoel:


...kwam destijds hard aan en dwong de Tekenaar in het boetekleed. De keuze voor een enscenering zou volgens hem noodzakelijk zijn geweest, omdat geen van zijn ‘helden’, na de geslaagde maanlanding, de raket had durven verlaten.

Wallraff/Esser toont in zijn boek overigens wel degelijk begrip voor Hergé en diens worsteling met de waarheid. De enige keer dat de Tekenaar zich vastklampte aan de feiten en weigerde gebeurtenissen te verzinnen (in PICAROS), leidde dat misschien tot een integer album, maar ook, merkt Wallraff droogjes op, ‘tot een waardeloos avontuur’.

vrijdag 4 oktober 2019

Ondertussen, op de Samber



De jonge Georges, roeiend met de riemen die hij heeft (zomer 1935). Weinig vlees aan de botten, maar beslist gespierd. Zijn bootje glijdt over de Samber, ter hoogte van de voormalige abdij van Aulne.

Leuke broek draagt de Tekenaar, maar let vooral op de dracht boven de gordel. Luttele weken eerder zette Hergé ook zijn jonge held in zijn hemd:


De Petit Vingtième van 22 mei 1935, in een état désespéré.

woensdag 2 oktober 2019

De terugkeer van een oude schooier


Altijd bijzonder om een oude schooier tegen het lijf te lopen voor wiens leven je elf jaar geleden al geen stuiver meer gaf:


Links de gesigneerde SOVIETS uit de premier mille (nummer 101), op de Millon-veiling van 25 mei 2008. Mauvais état, verkocht voor € 3000, de prijs van een basis crematiepakket.

Rechts de onverwachte terugkeer van de gesigneerde SOVIETS uit de premier mille (nummer 101), op de Millon-veiling van 20 oktober 2019. Status opgehoogd tot état moyen, want: fortement restauré. Richtprijs: € 3000 – 4000.

Die restauratie stelt niet zoveel voor – en is nogal lomp uitgevoerd, met de gesigneerde en genummerde linkerpagina die er rechts is ingeplakt:


Waar hebben we dat eerder gezien?


Juist, in de kramakkele SOVIETS, nummertje 464, die in oktober 2012 onder de hamer ging.

Maar dit is knap gedaan:


Naadloos herstel van het ontbrekende ruggetje, in absoluut doorleefde staat!

Valt er verder nog iets te beleven op die veiling? Jawel, voor wie hier warm voor loopt:


Originele inkleuring voor pagina 9 van PICAROS. Uniek en ongepubliceerd, volgens het veilinghuis, omdat in een later stadium vier (4) plaatjes werden gewijzigd.

Zoek de verschillen:


Millon gooit in de promotie overigens alle remmen los: ‘Een kunstwerkje op zich, deze aquarel is onderdeel van de mythe waarin we al het talent van coloriste France Ferrari herkennen, werkend onder het precieze en nauwkeurige oog van de meester.’

En toch is de richtprijs slechts € 1500… Heel billijk, want laten we zeggen dat met PICAROS het oog van de meester allang niet meer bij de les was.

maandag 30 september 2019

Hoe Hergé, Franquin en Brel elkaar vonden (2)


I.
Wat hadden Jacques Brel en Georges Remi met elkaar gemeen toen ze in 1959 samen poseerden voor deze propagandafoto van de Belgische Nationale Zuiveldienst?


Ze werden dat jaar allebei slachtoffer van een boycot. De Vlaamse radio weigerde Brels chanson ‘Les Flamandes’ te draaien (een ‘smerige belediging van de Vlaamse volksaard!’), de Brusselse krant Le Soir vertikte het de advertentie te publiceren waarin de collaborateur Hergé figureert als melkbrigadier.

Voilà le brigadier Hergé
Il a travaillé pour Le Soir volé
On ne s’est pas amusé.


II.
Beeldrijm!


Links: Georges - ‘Eine Stadt sucht einen Mörder’ - Remi. Rechts: Peter - ‘Melk is goed voor elk!’ - Lorre

III.
Ongerijmdheid!


Lucky Luke maakt korte metten met de Melkbrigade, fragment uit Lucky Luke se défoule (1966). Publicatie voor onder andere Giff-Wiff (eerste stripjournalistieke tijdschrift op de Franstalige markt), waarin tekenaar Morris voor één keertje een lange vinger maakt naar de censuur.*


*) Met dank aan Michiel Prior voor de tip en de link naar de Nederlandse vertaling:



donderdag 26 september 2019

De lange arm van Moulinsart


Had ik je moeten waarschuwen toen je zo lekker bezig was?


Want reken maar dat ik de bui zag hangen:


Als je het nou toch gewoon bij deze ene had gelaten:


...in plaats van je hand te overspelen:


Maar kinderachtig is het natuurlijk wel, van nare Nick:



woensdag 25 september 2019

Hoe Hergé, Franquin en Brel elkaar vonden (1)


Aardig mailtje van een PERDU-lezer uit Gent met een linkje naar minder aardig beeld:


Nóg zo’n stijf propaganda-omslag met onze held als medewerker van de Nationale Zuiveldienst. ‘Iedereen die in de jaren zestig in Vlaanderen is opgegroeid kent de campagne van De Melkbrigade en iedereen die opgroeide in Wallonië kent de Brigade M. Hoewel dat dus eigenlijk de Brigade L had moeten zijn.’

Het moet gezegd: de Tekenaar, die hem over het algemeen lekker kan raken (VAT69!), is niet te beroerd om zelf ook de Witte Motor te promoten:


Hier samen met onder andere de gehelmde Weekblad-medewerker Paul Frère (de formule 1-coureur maakte met Jean Graton de rubriek Paul Frère vous parle automobile).

Uitsnede uit dit reclamemateriaal uit 1959:


Van Stijn Streuvels tot Armand Pien, allemaal hebben ze plotsklaps een boontje voor een goed glas melk. Tussen de grote namen van die tijd zien we ook Jacques Brel, die pas in 1965, in zijn vriendschap met de Russische dichter Jevgeni Jevtoesjenko, een superieure drinkbroeder zal vinden (‘Vergeleken met hem ben ik een drinkebroertje, een alcoholisch gehandicapte, zoiets’):


Schuin onder de zanger en op de rand van zijn eerste grote depressie poseert, met een Marsipulami-M, niemand minder dan André Franquin, die in diezelfde tijd een korte verhouding heeft met absint.

En dan is er ook nog dat akkefietje waarin Hergé en Brel elkaar vinden…

Wordt vervolgd!

maandag 23 september 2019

‘RHAAH!’ brult het monster van Hergé


Ik gebruikte de vluchtige vrijdag om de bezem door de literatuur te halen, maar omringd door torenhoge stapels letteren werd het allengs een laf schuiertje en ten slotte trof S. me in de leesfauteuil, verdiept in de obscene avonturen van legionair Richard Klinkhamer.

Gehoorzaam als een hond’, bijna veertig jaar oud inmiddels. En wat maakten ze toch een lelijke boekomslagen in die tijd! Later zou de auteur zijn vrouw met een breekhamer de hersens inslaan en begraven onder zijn tuinhuisje. Daarover schreef hij een erg slecht boek (‘Woensdag gehaktdag’), maar zijn debuut staat nog overeind. Oorlog, geweld, onzalig engagement van een onfrisse hoofdpersoon, afgetopt met het soort weemoed dat bij een bepaald soort mannelijkheid hoort. Mooi slot ook:

‘Niets is er veranderd, een gewijzigd decor, een herhaling alles, op een aarde die lacht nog weent.’

Plaatje!


Sapristi de sapristoche, gewoon weer een nieuwe poging om drie ton binnen te harken met een prent van Hergé! Maar ditmaal is ‘origineel’ ook echt origineel en zijn de bloedvlekken van de Tekenaar ingeruild voor zijn bloeddorstige creatie Ranko.

Omslagtekening voor de Petit Vingtième van 10 februari 1938 en kavel 118 op de stripveiling van Daniel Maghen, 11 oktober in Parijs.

Ranko mocht twee weken later nog een keertje PV-lezertjes de stuipen op het lijf jagen:


‘Pauvre Milou!’

La belle et la bête, the beauty and the beast, dat kennen we nu wel:


Maar zo eenduidig is het niet.

‘RHAAH’ brult Ranko en nog voor hij daar ‘LOVELY!’ aan kan toevoegen, antwoordt het teefje Milou met een luid en doodsbenauwd ‘WOUAH’:


In de eerste Nederlandstalige editie houdt Bobbie het op een lullig ‘Waf!’:


Leuke veilingcatalogus overigens (KLIK!), met flink veel fijne plaatjes uit een weemoedig stripverleden.