woensdag 31 oktober 2012

Achterstallige post


Gé B.: Dank voor uw gespoten compliment. En in alle gevallen heeft u mijn toestemming.

Cyriel G.: U heeft gelijk, althans geen ongelijk. Maar kijkt u dan eens op de site van de heer Wilmet die sinds enige dagen ‘een aantal historisch waardevolle originele clichés’ aanbiedt ‘die gediend hebben om de allereerste (Franstalige) versie van Kuifje in het land van de Sovjets te drukken voor het weekblad Le Petit XXe’:



Of die € 200,- per beeldvakje ‘een heel behoorlijke prijs’ is, moet u zelf bepalen.

René S.: Wees gerust. Naarmate we ouder worden, gaan gehoor en gezichtsvermogen achteruit. Zo lijkt het net of we milder worden. Sans grogner et sans piailler: u heeft iets moois uit de grond gestampt.

‘Jamais Assez’: Kavel 43 is zo te zien vervangen door een (veel) minder exemplaar. De catalogus is vanmorgen online gezet:


dinsdag 30 oktober 2012

De bladen



Naar de Bruna voor de Bommel-glossy (waarover later meer) en de wintereditie van de Fanny, over spijt, schaamte en vergeving. Onderhoudend zijn de portretten van bedrogen verzamelaarsvrouwen die schaamteloos wraak namen (‘Met mijn nagelschaartje knipte ik heel secuur alle tekstballonnen uit zijn vooroorlogse Kuifje-albums.’) En zonder meer indrukwekkend is de ‘hemelpost’ die de naamgeefster van het magazine schrijft aan haar oude rivale in de liefde, Germaine:

‘Je noemde Georges een komediant, een monster… Nu ik hem in leeftijd ben gepasseerd, herken ik iets in jouw wrok waarvoor ik liever de ogen sluit.’

S. vindt het nog steeds een wijvenblaadje, maar ik wil niet blind zijn voor het vakmanschap waarmee het wordt gemaakt. Bovendien bewonder ik de openheid van mevrouw Rodwell. Zo krijgt de minutieuze reconstructie van de gebeurtenissen in de lift van de Studio, oktober 1956, een overdonderende twist als Fanny besluit alsnog terug te komen op haar eerdere verklaringen tegenover biograaf Goddin. Er is wel degelijk iets gebeurd op die twee vierkante meter aan de Louizalaan - en de weduwe van Hergé neemt dit keer geen blad voor de mond… Enfin, nu in de boekhandel.

maandag 29 oktober 2012

De vingers in de brij


Bolwassing voor uw blogger die grappen maakt over lucullische tripjes naar Parijs, maar ondertussen zijn vingers niet durft te branden aan de hete brij:

Dus stel ik u de vraag nog maar eens. Wat is nu een reële prijs voor een album in deze staat?

Uit de mail van een A la recherche-lezer die nerveus is geraakt door de aanbieding van een gesigneerde en genummerde SOVIETS.

Over het levenslot van de verzamelaar (de hardnekkige angst dat het misschien wel de laatste kans is om iets aan de haak te slaan) heb ik hier eerder gemijmerd. Die angst verdwijnt pas als het amechtig verlangen naar compleetheid niet langer een drijfveer is. Dan koop je wat je mooi vindt en overheerst het plezier.

Of de aangeboden SOVIETS mooi genoeg is om een prijs van minimaal € 9000,- te rechtvaardigen, moet de briefschrijver zelf bepalen. Toch valt er in dit geval iets meer over te zeggen:


De gesigneerde en genummerde pagina van SOVIETS hoort links in het album te liggen, naast het titelblad met de premier mille-vermelding. Maar bij het aangeboden album is het een rechterpagina. Losgeraakt en aan de verkeerde kant teruggeplakt? Afkomstig uit een ander album? Vervalst? Bij zoveel vragen over de authenticiteit moet men vooral de vingers op de knip houden.

vrijdag 19 oktober 2012

Exuberant


En deze keer petje af voor de medewerkers van Catawiki die een mooie Hergé-veiling afronden met het nec plus ultra uit de Kuifje-verzameling: de genummerde en, in het kantoor van Norbert Wallez, door Georges en Germaine gesigneerde SOVIETS!
Startbod: € 9000,-.
Zeer mooie, originele rug. Mooie voorkaft.
De verkoper laat ons in zijn beschrijving enigszins twijfelen aan wat onze ogen zien:


Wat is nu een reële prijs voor een album in deze staat? vraagt een A la recherche-lezer zich af.


Bij wijze van antwoord twee scenario’s.

1.
Reis op zaterdag 17 november met de Thalys (Comfort 1-klasse) naar Parijs. Uitstappen in Brussel voor een lunch bij La Truffe Noir van Luigi Ciciriello (zijn geroosterde duifje uit de Vendée met Norciatruffel is fenomenaal). Door naar Parijs waar u voor één nacht de Penthouse-suite boekt op de achtste etage van het George V (160 vierkante meter, spectaculair uitzicht over de stad). ’s Avonds dineren in l’Arpège van driesterrenchef Alain Passard (fraai geportretteerd in het album van Christophe Blain). Uitbuiken en doorzakken in de Blitz Bar (waar de barman eruitziet als een broekspijp uit de jaren zeventig en na tweeën geen maat meer houdt bij het schenken). Zondagmiddag met de hotel-limo naar Hôtel Drouot en tijdens de Vente Hergé (van veilinghuis Piasa) meebieden op de genummerde en gesigneerde SOVIETS in superbe staat. Negeer de kater en blijf onder de € 50.000,- dan heeft u gegarandeerd niet het eindbod. Zondagmiddag plusminus € 9000,- armer naar huis - maar mét de levensbestendige anekdote dat u ooit, tijdens een exuberant weekend in Parijs, voor zeer korte tijd de eigenaar bent geweest van een Tintin au pays des Soviets, signé en dessous ‘Tintin’ et ‘Milou’ par Hergé et Germaine.

2.
Zet een kopje thee. Neem plaats achter de pc. Overbied net zo lang tot het mythische SOVIETS-album in uw bezit is. U krijgt de gruzels aangetekend toegestuurd.


Ik knijp er even tussenuit. Verder op maandag 29 oktober.

woensdag 17 oktober 2012

Rigide



De boekenkast van Kuifje. Niet schots, wel scheef - iets wat onze held buiten het netelige vaarwater van de bibliopathologie houdt.

‘Voor adem en geest in een boekenkast betekent rigide ordening de dood’, noteert Atte Jongstra deze maand in een bijlage van NRC. Gunnen we de schrijver zijn gelijk dan ben ik - met mijn één titel per plank - ontegenzeglijk een zeer bekwaam grafdelver.

Elders filosofeert Jongstra over de boekenkast van een gezonde geest:

Hoe ziet die geest er zelf eigenlijk uit? Iedereen die eens eerlijk bij zichzelf naar binnen kijkt, constateert chaos. Wankele stapels, alles schots en scheef over elkaar heen. De zaak puilt uit, alles dreigt steeds om te vallen.
Gaat men op bezoek bij iemand, kijk altijd in de boekenkast. Het is de spiegel van de ziel. Is het een totale puinhoop? Feliciteer u zelf. U hebt een gezonde vriend gevonden.

dinsdag 16 oktober 2012

Hansaplast



De Heerenveensche Koerier, 7 augustus 1946. Aangereden door een auto met pleisters… en de suffe verslaggever doet helemaal niets met dat inkoppertje.

Overigens:


Advertentie voor ’s werelds allereerste hechtpleisters, 1922. De revolutionaire uitvinding kwam precies negentig jaar geleden op de markt. En ook dat is een inkoppertje (lees: een excuus om hier mijn favoriete, dubbele pagina van Hergé af te beelden):


Zoek de verschillen met de albumversie (waaraan ik veel minder ben gehecht):


maandag 15 oktober 2012

Verstreuveld


Naar Londen om kunst te slempen op de Frieze Art Fair. Traditioneel bij dit soort megalomane beurzen is de zekerheid dat het er met de verpozing wel goed zit, maar dat je voor verrukking elders moet wezen. Iets van mijn gading vond ik zondagmiddag aan de Kensington Gardens, in de Serpentine Gallery. Nieuwe overzichtstentoonstelling van het prettig ongemakkelijke werk van Thomas Schütte:


Links Hergé.
En rechts?
Och, waar kon ik dezer dagen anders aan denken dan aan de wanhoop van Toonder in zijn laatste verstreuvelde levensjaren?

woensdag 10 oktober 2012

Fijne lijntjes


Theater?
Gangpad?
Gluyas Williams!


Amerikaans cartoonist (1888–1982), bekend van zijn werk voor The New Yorker en van zijn smartelijke haargrens:


Een van die buitenlandse tekenaars waar de jonge Hergé overduidelijk de mosterd haalde.


Woensdag 19 januari 1977.
Georges Remi en Joost Swarte klessebessen over de conceptuele significantie van de Klare Lijn. Achter de camera: grafisch ontwerper Piet Schreuders. Onder de dossiermap: Gluyas Williams.

Werk van Williams verscheen ook in Le Petit Vingtième. Huib van Opstal wees fijntjes (in: Essay RG) op de gruwelen van de dagbladreproductie.

Paginagrote cartoon van Williams, in het (toen nog) humoristische weekblad Life (1927):


Dezelfde cartoon, verkleind en aangesneden in LPV, juli 1932:


Denkt u nog eens aan de fijne lijntjes van Gluyas Williams, waarde A la recherche-lezer, voordat u weer veel te veel geld uitgeeft aan zo’n vodje uit de ultra-katholieke rotatiepers van Norbert Wallez!


Maandag verder

maandag 8 oktober 2012

Hoop doet lijden



Wat kunnen we nu leren van dit akkefietje met de vrouw van de filmregisseur? Dat het verstandig is in een theater altijd een stoel aan het gangpad te hebben. Bij calamiteiten kun je dan gemakkelijk en snel de plaat poetsen.

Daar had ik, onnozele zoetwatermatroos, vrijdagavond tijdens het Gala van de Nederlandse Film aan moeten denken. Op het podium van de Utrechtse schouwburg stonden een hyperventilerende presentator en een niet al te snugger fotomodel. Er werden beelden getoond van haar borsten die weifelend werden betast: fragment uit een film die een cabaretier vijf minuutjes eerder had vergeleken met een mislukte pannenkoek.
En och, hoezeer ik toen verlangde naar een stille vlucht over het gangpad...

Maar ingeklemd tussen een onvermurwbare S. en een obese filmproducent kon ik alleen nog maar hopen* op de komst van een dronken Ramon Zarate en twee (2) misgeworpen dolken.


*) ‘Hoop is een van die middeltjes die niets helen maar die ons in staat stellen langer te lijden’ - scenarioschrijver Marcel Achard

woensdag 3 oktober 2012

Te laat!


En als het dan tóch over geld gaat:


Complete set wenskaartjes van Hergé en eega (1954 - 2000), in nieuwstaat (vanzelfsprekend) en in de originele enveloppen.

Wat doet zoiets? Vraag dat maar aan de onverbeterlijke kwapoets Alain van de 9ème Art Gallery:


Cent quatre-vingt mille de tonnerre de Brest, de aanbieding liep tot 18 september!

dinsdag 2 oktober 2012

Levend lijk


Pesterig mailtje van D. met een link naar eBay*. De ouwe zeeschuimer sluist me door naar een tachtig jaar oude Petit Vingtième die aan het bederf en de doodsverstijving is ontsnapt:


Absolute nieuwstaat! - Altijd in het donker bewaard! - Geen slijtage, niet de minste vlek, geen enkel scheurtje! - Warme kleuren, alsof ie gisteren is gedrukt! - Een museumstuk!

Voor € 1800,- is de heetbloedige verzamelaar het heertje.
En toch…
Altijd in het donker bewaard?
Typisch een relict dat bij het eerste straaltje daglicht begint te kermen (‘Ik zeg u, ik ben dood!’) om aansluitend in stinkende kruimels uiteen te vallen.

*) Klik!

maandag 1 oktober 2012

Good bye!


Van two seater naar éénzitter: delinquent Bobby Smiles in een Bugatti 35:


Kreupel bruggetje om mijn fixatie op bloederige raceromantiek uit te venten. Schakelen we onverwijld over naar het levensgevaarlijke circuit bij Grenoble:


Links: Autocoureur Edouard (‘Eddoura’) Grammont. Rechts: de Bugatti 35C waarmee het rijkeluiszoontje over een kwartiertje de baan op gaat.

Het is 10 augustus 1930.

De jonge Georges Remi bivakkeert met wat vrienden in Breitenberg, hartje Zwarte Woud…


… als de even jonge Eddoura Grammont, na een fataal manoeuvrefoutje, zijn laatste adem uitblaast:


Curieuze kanttekening bij de wrakstukken: de auto werd opgelapt.


Iets wat men, bij mijn weten, met de Météore van Mr. Pump nooit heeft geflikt!



Met dank aan Ivo Mans

donderdag 27 september 2012

Narrow minded


Met S. naar Utrecht om Willeke van Ammelrooy (bekend van haar bijrol in De Duistere Diamant, naar de inktzwarte bestseller van Kaproen) toe te juichen. De actrice kreeg een Gouden Kalf voor haar verdiensten voor de Nederlandse film.

Opwindender was de ontdekking van een Wartburg Two Seater op de Utrechtse Neude. Waarna prompt de verwarring toesloeg. Een 120 centimeter smalle Wartburg met een voor- en achterstoel?
Internet bood raad:


Jolige kunstenaar snijdt het middendeel weg uit een Wartburg 312 en… Enfin, de bekrompen Germaine* had er niet dood in gevonden willen worden.


*) Opmerking van een oplettende lezer bij het bijschrift van afgelopen dinsdag: ‘Mevrouw Hergé werd niet een half jaar eerder uit het wrak van Georges’ Lancia Aprilia gezaagd, maar vijf jaar eerder (februari 1952). Wel had Hergé in het voorafgaande jaar een ongeluk met zijn Lancia Aurelia, maar daar was Germaine niet bij betrokken.’

dinsdag 25 september 2012

Vrouwen & auto’s



Augustus 1957. Germaine voor de hagelnieuwe auto van haar man: een Porsche 356 A Coupe. Vijf jaar eerder werd ze nog met verbrijzeld dijbeen uit de wrakstukken van Georges’ Lancia Aprilia gepeuterd. En kijk haar nu eens grijnzen als een Disney-prinses...
In haar dagboek noteert ze:

Geo heeft een Porsche gekocht. Dat valt op! Ik heb liever wat meer discretie. Maar het is toch een mooie wagen en hij heeft veel allure. Eén van mijn dromen: een wagen met twee plaatsen!

Artcurial veilde twee maanden geleden een fraai exemplaar voor 92.000 euro. Dat is een slordige 70.000 euro goedkoper dan de schetsen uit VOL 714 die hetzelfde veilinghuis een maand eerder afhamerde. Een gezonde kerel heeft zijn keus dan snel gemaakt (ik bedoel: welke vrouw gaat in hemelsnaam breed lachend met een bosje bloemen bij een origineel van Hergé staan?*)

Omdat alles van waarde weerloos is:


Een 356 na een verblijf van dertig jaar in het Meer van Genève.


*) Vooruit dan, Adèle, maar zij wordt ervoor betaald.

maandag 24 september 2012

Oud nieuws


‘Gewoon, een gezellig avondje,’ zegt Germaine. ‘Met Edgar en Jeanne en Jacques en…’
- Zonder Jacques! gromt Georges.
‘Zonder Jacques,’ zucht Germaine.

Maar Edgar zegt er terloops iets over tegen Bob die het aankaart bij Josette en via haar komt het bij Jacques terecht die - gekrenkt - bij Raymond, Baudouin en Bertje iets mompelt over een ‘groot feest’ bij de baas. Raymond en Baudouin zwengelen het zijdelings aan in hun vriendenkring. Bertje gaat de volgende dag naar een congres voor helderzienden in de glazen zaal van het Amsterdamse R.A.I.-gebouw waar tevens een internationale samenkomst is, georganiseerd door de NVvP, de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie.

Een week later, zaterdagavond, als de Brabantse gouverneur Jean de Neeff opnieuw een radio-oproep doet om toch vooral weg te blijven uit Céroux-Mousty (‘Er is daar géén feest’), zit Germaine doodsbang op zolder, staat de Porsche van Georges in brand en sneuvelen de eerste ruiten van La Ferrière. In Antwerpen vertrekken op dat moment drie autobussen met 144 Chinese havenarbeiders in feeststemming, allen genaamd Tchang, en op Zaventem landt een DC-8 uit Zürich met 53 psychiaters aan boord. Onder hen is Franz Riklin. Hij is straalbezopen en hij draagt een spierwit overhemd.


woensdag 19 september 2012

Flop


I.
Waar waren we? Hier waren we:



Geüniformeerde jongedame met snor en pijp. Schalks fantasietje van de jonge Georges Remi, in het poesiealbum van zijn vriendin Louise Van Cutsem (‘Milou’), 1920. 4 juli geveild bij Sotheby’s, voor 18.750 euro. En wie het nieuws een beetje heeft bijgehouden, zou zomaar de indruk krijgen dat deze ‘ground-breaking sale’ (term uit de nieuwsbrief van het Britse veilinghuis) een groot succes was.
Allerwegen (en klakkeloos) overgenomen persbericht: Sotheby’s veilt originele plaat uit De Geheimzinnige Ster voor 234.750 euro. Commentaar van Jean-Marc Thévenet, verantwoordelijk veilingexpert:

The inaugural sale at Sotheby’s had great success. Many people attended the exhibition, the worldwide media covered the event widely and it achieved strong prices.

Thévenet liegt dat ie barst. En met reden. De voormalig hoofdredacteur van Pilote (en oude baas van het stripfestival in Angoulême) probeert zijn hachie te redden.

II.
In werkelijkheid beleefde Sotheby’s met haar eerste internationale stripveiling haar eigen Heaven’s Gate, een flop van jewelste. Van de 95 kavels werden er slechts 27 verkocht. Totale opbrengst: een schamele 645.225 euro. Ter vergelijk: op dezelfde dag organiseerde Sotheby’s nog drie veilingen. Bij twee daarvan werd driekwart van het aanbod verkocht, bij de ander ruim de helft. Opbrengst respectievelijk: 7 miljoen pond, 9½ miljoen pond en 32 miljoen pond.
Thévenet over zijn veiling:

The auction reflected our conviction that comic strips have become an art-form in their own right.

III.
Eens maar nooit weer? Op een veiling in Londen sprak ik deze zomer een medewerker van het zelfingenomen Artprice.com die verrassend gedetailleerd de verhoudingen binnen Sotheby’s schetste. Werkelijk enthousiasme voor zoiets triviaals als een stripveiling is daar volgens hem nooit geweest. De niche kreeg de handen amper op elkaar; Thévenet ondervond zelfs fervente tegenwerking. Na het miserabele resultaat zullen de I told you’s niet van de lucht zijn. Weinig kans, kortom, op een tweede kans voor veiling en veilingexpert.

IV.
Voor de handliggende slotvraag: waarom faalt ’s werelds oudste veilinghuis waar, pak ‘m beet, een Banque Dessinée altijd mooie successen boekt? Daar is een even voor de handliggend antwoord op. Maar ook een antwoord waaraan ik eerder mijn vingers danig heb gebrand. Dat het op zijn minst opvallend is dat er bij de ene veiling altijd in grote mate telefonisch en anoniem geboden wordt en bij de andere veiling niet, en dat er bij de ene veiling keer op keer dezelfde ‘liefhebbers’ zitten die bij de andere veiling (nota bene in dezelfde stad) nergens zijn te bekennen… nee, beste lezer, dat heb ik hier dus niet gezegd.

dinsdag 18 september 2012

Jaloerse vrijsters




Witte handschoentjes in een glazen doosje. Ofwel: de Boudewijn Büchprijs, bestemd voor een voorvechter van het antiquarische boek. Nieuws van gisteren: dit jaar gaat de prijs, postuum, naar Gerrit Komrij.

Je kunt je vier jaar belangeloos het schompes bloggen over antiquarische stripalbums en de onderscheiding gaat alsnog naar een lijk.

Maar Komrij (zijn privé-bibliotheek omvatte 60.000 titels) kan niet genoeg geprezen worden voor de wijze waarop hij over de kwelling van het ongelezen boek schreef:

Een wee gevoel van weerzin maakt zich van me meester als ik het pedante rijtje boeken zie staan, een allegaartje van jewelste, dat ik tien jaar geleden nog per se wilde lezen - ik kwam er maar niet toe. En daar, de ongelezen boeken van vijf jaar geleden. En hier, de verstoten liefdes van vorig jaar. Ze loeren naar me, azen op me, de haat is wederzijds, ik voel het. Het zijn jaloerse vrijsters die zich tegen me hebben gekeerd omdat ik niet langer met ze flirt. Ik wil me bevrijden van hun juk en een nieuw fris leven beginnen. Ik verlang naar een lichte wereld, zonder hun ballast.*

Dit klaaglied houdt twee volle pagina’s aan, tot aan de herkenbare verzuchting in de laatste alinea. Toch maar afscheid nemen van al die plaaggeesten?

Nooit zal het me lukken, besef ik pijnlijk. Het zou zijn of ik mijn darmen er uitrukte en opvrat. Het zou mijn dood zijn.

Ik werp een voorzichtige blik op mijn boekenkast en voel prompt een hevige steek in mijn weggesneden appendix.


*) Fragmenten uit: Verzonken boeken, Gerrit Komrij, 1986

maandag 17 september 2012

Mededogen




Een beproeving, zo’n Oceaan van Ongelezen Boeken! Ik viste er zeven titels uit, voegde er vijftien nieuwe aan toe en bleef per saldo met een stevig aangewakkerd schuldgevoel achter.

Om de zinnen te verzetten, vergezelde ik S. naar het filmfestival van Venetië waar we de dertig jaar oude megaflop Heaven’s Gate herzagen - volledig gerestaureerd, met een uitgesmeerde looptijd van 219 minuten en in aanwezigheid van de 74-jarige regisseur. We gaven hem na afloop een staande ovatie. Als een stel farizeeërs, want de film bleek nog steeds een debacle.

‘En?’ vroeg S.
Het was, dacht ik afgepeigerd, alsof je in Het Turfschip in Breda met vierhonderd genodigden Kuifje en de Picaro’s moet herlezen - opnieuw ingekleurd, met één pagina uitgebreid en in het bijzijn van Hergé. Uit mededogen klap je dan nadien je handen stuk.


Woensdag: ‘Veilinghuizen blijven toch een soort bordelen’